Langzaam Kruipend Iets
Wat heb je zoal nodig voor de wanhoop,
behalve dan twee handen en wat haar?
Me dunkt een Groot Gebaar:
Vooruitgang – Geen vooruitgang,
Geen Langzaam Kruipend Iets
Een oorzaak en gevolg
(willekeurig en absurd),
Een gebroken equilibrium,
Een catastrofe.
Dan komt het op je af.
Reken maar!
Dat heb je denk ik nodig voor de wanhoop.
En ook al ben ik daar, zo schijnt het, wel aan toe
mis ik het meeste van die dingen.
Dus leef ik wanhoopsloos, wellicht tot aan mijn dood.
En, typisch,
bevalt het me wel best
in deze waas van rook.
Kijk, er loopt een man langs, voor het huis.
Hij kijkt even naar binnen.
Dus kijk ik terug en denk ik Dag meneer.
Zo leef ik met mijn Langzaam Kruipend Iets
in deze waas van rook.
Que sera sera:
Mijn grote Hoe-Dan-Ook.
Jelmer Jellema
Amsterdam, mei 1999
© Jelmer Jellema

